Op het eerste gezicht lijkt het een eenvoudige vraag: wat als je muren niet langer met de hand hoeft te bouwen? Voor Jente Van Genechten en Maarten Gielkens was dat geen normale bedenking, maar het startpunt van Wally: een bouwrobot die ruwbouwaannemers ondersteunt waar de nood het hoogst is.
“Wally is eigenlijk gewoon een robot die muren bouwt,” zegt Jente nuchter. “Geen futuristisch concept dat het hele bouwproces wil omgooien, maar een hulpmiddel dat past binnen hoe er vandaag al gewerkt wordt.”
Geboren uit de werf
Het idee voor Wally ontstond niet in een labo, maar op de werf. Jente is zelf ruwbouwaannemer geweest en kent de sector van binnen en buiten. Het personeelstekort in de bouw werd steeds zichtbaarder, en tegelijk merkte hij hoe zwaar en repetitief bepaalde taken zijn.
“Binnen de ruwbouw doet één ploeg vaak alles,” vertelt hij. “Wij hebben gekeken naar welke stap het makkelijkst te automatiseren is. Het bouwen van muren leek ideaal. Door die taak over te nemen, krijgen bouwvakkers ruimte om zich op andere dingen te focussen.”
Belangrijk daarbij: Wally is niet bedoeld om mensen te vervangen. Integendeel! “We willen niemand wegautomatiseren,” benadrukken ze. “We willen ondersteunen.”
Twee partners, één visie
Jente vond in zijn neef Maarten de perfecte partner om dat idee vorm te geven. Waar Jente vanuit de praktijk denkt, brengt Maarten als software engineer de technische kennis.
“We hebben heel veel gebrainstormd,” vertelt Maarten. “Niet alleen over wat technisch mogelijk was, maar vooral over wat we net niet wilden doen. We hadden een duidelijke visie: de robot moet zich aanpassen aan het bestaande bouwproces, niet omgekeerd.”
Sinds de officiële oprichting in oktober 2024 kreeg Wally steeds meer vorm. Tom Stiers en David Gerits vervoegden het team als co-founders, aangevuld met een groep jobstudenten en stagiairs die Wally ondersteunen.
Testen, proberen, verbeteren
Zoals bij veel hardware-innovatie bleek één ding cruciaal: ruimte om te testen. Eerst stond Wally in een open hal, maar dat voelde te ver af van de realiteit. De overstap naar het testveld ConstrucThor op Thor Park bracht daar verandering in.
“Hier kunnen we echt experimenteren op een plot,” zeggen ze. “Buiten, in omstandigheden die lijken op een echte werf. Dat maakt een wereld van verschil.”
ConstrucThor biedt bedrijven een unieke omgeving om innovatieve bouw- en renovatieoplossingen op ware schaal te testen. De nood aan een realistische testomgeving bracht het team van Wally uiteindelijk ook naar Thor Park. Geen strategisch plan op lange termijn, wel een logische stap.
“We zijn zelf van Genk, we zochten gewoon een plek waar we konden bouwen en testen,” klinkt het. “Dat het hier Thor Park was, voelde eigenlijk vanzelfsprekend.”
Thor Park als versneller
Sinds januari is Wally gevestigd op Thor Park, met zowel kantoorruimte op IncubaThor als testmogelijkheden op dezelfde site. Intussen voelen ze dat de omgeving hen vooruit duwt.
“Je voelt hier ambitie,” zeggen Jente en Maarten. “Innovatie is niet enkel een woord, het leeft hier echt. Die energie werkt aanstekelijk.”
Ook de nabijheid van andere bedrijven, onderzoekers en beleidsmakers opent deuren. “Je komt mensen tegen, raakt aan de praat, en plots ontstaan er kansen. Dat is moeilijk te plannen, maar wel heel waardevol.”
Mijlpalen en momentum
De afgelopen periode bracht enkele opvallende momenten, zoals hun verschijning op VRT nieuws en Karrewiet. “Dat was een hoogtepunt,” geven ze toe. “Niet één moment, maar een hele periode waarin alles samenkwam. Bijna te goed om waar te zijn!” Ook de verhuis naar Thor Park voelt als een mijlpaal. “We zijn gesetteld nu. Sindsdien gaan we echt vooruit.”
Wat opvalt: obstakels relativeren ze snel. “Natuurlijk zijn er uitdagingen, maar momenteel voelen we vooral interesse,” zeggen ze. “Dat motiveert enorm.”
What’s next?
Deze zomer willen ze Wally effectief uitrollen op werven. Daarna volgt een kapitaalronde om te groeien en samen te werken met de juiste partners. Wat hen drijft, gaat verder dan korte termijn succes. “Uiteindelijk willen we een echte verandering teweegbrengen in de bouwsector,” besluiten ze. “Je voelt dat mensen klaar zijn voor innovatie. Onderzoeksinstellingen bewegen mee. Er is nog zó veel mogelijk.”